Groter dan ons hart

Pieter Raaijmakers

8 Februari 2019

5e zondag door het jaar C 2019

Jesaja 6, 1-2a.3-8, 1 Kor.15, 1-11, Lucas 5, 1-11

Alle drie de lezingen van vandaag hebben “roeping” als thema, en in de eerste lezing en het Evangelie zijn heel duidelijk drie fasen te onderscheiden. Er is een overrompelende Godservaring, er is het besef van –niet waardig zijn aan zoiets groots deel te hebben- en tenslotte is er de zending; het op weg gaan met een opdracht. Het visioen van Jesaja uit de eerste lezing, is voor ons natuurlijk wel een heel vreemd beeld, met die serafs met zes vleugels en gloeiende kolen. Daarvan zal de betekenis aan ons voorbij gaan. Maar samenvattend heeft Jesaja inderdaad een sterke Godservaring. Vervolgens roept hij “Wee mij ik ben verloren”. Daarmee erkent hij zijn kleinheid en zondigheid tegenover God, en wellicht juist door dat besef vergeeft God hem. Vervolgens durft Jesaja te antwoorden op de roep van God; “Hier ben ik, zend mij!”

Dezelfde lijn vind je in het Evangelie; Petrus schrikt zich een hoedje nadat ze, op het woord van Jezus, zoveel vissen vangen dat ze ze amper kunnen bergen. Hij weet; “dit is niet normaal, dit is Gods werk”, en hij gaat op de knieen. “Heer ga bij mij weg want ik ben een zondig mens”. Maar deze schuldbekentenis betekent voor Jezus al meteen dat hij bij Petrus aan het goede adres is, want iemand die zijn plaats kent ten opzichte van God, die is te vertrouwen. “Wees niet bevreesd voortaan zult ge mensen vangen”.Ze laten alles achter en volgen Hem. Later zal Petrus het fundament van de Kerk vormen.

Misschien nog even wat over dat “mensen vangen”,  dat voor ons misschien toch wat onsympathiek overkomt, want het is gewoon een probleem van de vertaling. Natuurlijk wordt hier niet bedoeld dat we mensen, tegen hun zin, in de netten van de Kerk moeten zien te vangen. Hier wordt  veel meer bedoeld; opvangen, redden uit de diepe, beangstigende zee, die onze wereld voor veel mensen is.

Dat gaat dus over Petrus en Jesaja en Paulus, allemaal heel lang geleden. Hebben wij hier ook nog iets mee van doen? Hebben wij ooit serafs gezien of wonderbaarlijke visvangsten? Met andere woorden; Hebben wij ooit een Godservaring? Wellicht wel, misschien niet zo spectaculair, maar toch zal zeker iemand van u wel kunnen vertellen wat er op zijn of haar levensweg gebeurd is dat je een Godservaring zou willen noemen. Ik in elk geval wel. Het is eigenlijk een heel lang verhaal, maar ik zal het heel kort vertellen.

Rond mijn 25ste zat ik in een existentiële crisis. Wie ben ik? Wat moet ik? Waarvoor doe ik het allemaal en wat heeft het voor zin? Er was die dag veel gebeurd waardoor ik mij afgewezen voelde door de collega’s op mijn werk en ik had van mijzelf ook al niet zo’n hoge pet op, dus ik zat er helemaal doorheen. Terwijl de tranen langs mijn wangen liepen, startte ik mijn auto om naar huis te gaan en het cassettebandje dat nog opstond sloeg meteen aan. En meteen begon ene Peter Schneider keihard te zingen; “I’ ll never let you go, cause I love you so”,  “Ik laat je nooit los, want Ik hou van je”. Helemaal niet zo’n vreemde zaak want alle liefdesliedjes gaan erover, maar het sloeg die dag bij mij in als een bom. Voor mij was dit de stem van God, die precies op het juiste moment kwam. En het heeft mijn hele leven veranderd. Waar ik eerst geen gezin aandurfde, heb ik nu vier kinderen. En het voorval heeft mij ook in de richting van het diakenschap gestuurd. 

Vanaf dat moment weet ik het zeker; “Ik hoef nergens meer bang voor te zijn, want als ik ooit nog eens in zo’n situatie van totale verlatenheid terecht zal komen, dan zal Hij daar ook weer zijn”. Maar ja, dat is mijn verhaal. Ik hoop dat ieder van u zoiets zijn of haar eigen leven herkent, een gebeurtenis waardoor je niet alleen hoort spreken over God, maar dat je ook ervaart, dat je ook voelt, dat Hij werkelijk Iemand voor je is. En als je dat eenmaal gevoeld hebt, dan wordt je vanzelf gezonden. Dan wil je dat Godsvertrouwen delen met alle mensen die je lief zijn. Dat dat dan weer niet meevalt, is vers twee, maar dat neemt het eerste toch nooit meer weg. Als je eenmaal geraakt bent, dan laat je alles achter om Hem te volgen. Dat hoeft natuurlijk niet letterlijk, je kunt je ook innerlijk vrij maken en Hem volgen.

Amen.